Hoge Raad: transitievergoeding werknemer die bijna AOW leeftijd bereikt

De wettelijke regeling van de transitievergoeding kan er toe leiden dat een werknemer die kort voor het bereiken van de AOW leeftijd wordt ontslagen, recht heeft op de volledige transitievergoeding. Zo oordeelde de Hoge Raad op 5 oktober 2018.

De feiten

Een docent Frans is door zijn werkgever ontslagen vanwege langdurige arbeidsongeschiktheid. Omdat de docent vlak voor zijn pensioengerechtigde leeftijd zit, ziet de werkgever geen reden een transitievergoeding toe te kennen. De kans is immers klein dat de werknemer voor zijn pensioen op zoek zal gaan naar een andere baan en daarnaast is het inkomensverlies van de werknemer klein. De docent is het met deze beslissing niet eens en stapt naar de rechter.

De kantonrechter oordeelt dat de docent recht heeft op een gedeeltelijke transitievergoeding. De kantonrechter neemt aan dat de docent gezien zijn leeftijd en de IVA uitkering geen andere baan zal vinden. Zijn situatie is vergelijkbaar met die van een werknemer die na zijn AOW-leeftijd wordt ontslagen en die geen aanspraak maakt op een transitievergoeding. Volgens de kantonrechter is het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar dat de werknemer die vlak voor de AOW leeftijd zit aanspraak zou maken op volledige transitievergoeding. De kantonrechter kent een gedeeltelijke transitievergoeding toe.

De werknemer gaat in hoger beroep en krijgt gelijk. Het Gerechtshof oordeelt dat het niet onaanvaardbaar is dat de docent een volledige transitievergoeding krijgt. De school legt de zaak voor aan de Hoge Raad.

Het oordeel van de Hoge Raad (ECLI:NL:HR:2018:1845)

De Hoge Raad volgt het oordeel van het Gerechtshof. De regeling van de transitievergoeding kent volgens de Hoge Raad een abstract en gestandaardiseerd karakter. De voorwaarden voor het recht op een transitievergoeding en de regels voor de berekening zijn nauwkeurig in de wet omschreven. Dit gestandaardiseerde karakter betekent dat voor de aanspraak op een transitievergoeding het niet van belang is of de werknemer na het einde van de arbeidsovereenkomst werkloos is of ergens een baan heeft gevonden. De wetgever heeft onder ogen gezien dat de wettelijke regeling van de transitievergoeding ertoe kan leiden dat een werknemer dir kort voor het bereiken van de AOW-leeftijd wordt ontslagen, recht heeft op een transitievergoeding die hoger is dan het loon dat hij zou hebben ontvangen wanneer hij in dienst zou zijn gebleven.