Valt een ronselbeding onder de reikwijdte van artikel 7:653 BW?

Een ronselbeding valt onder de reikwijdte van artikel 7:653 BW en is nietig omdat dit beding zonder schriftelijke motivering in een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd is opgenomen. Zo oordeelde recent de rechtbank Zeeland-West-Brabant.

De feiten

Per 1 juli 2016 is werknemer bij werkgever op het gebied van accountancy in dienst getreden. In de arbeidsovereenkomst is een relatie- en ronselbeding opgenomen. De werknemer zegt de arbeidsovereenkomst op per 1 maart 2017 en treedt in dienst bij een andere onderneming voor accountancy in de functie van recruiter.

Een oud collega zendt via Linkedin een bericht naar werknemer met de vraag of de vacature die hij bij de nieuwe werkgever van werknemer heeft gezien een senior functie is. De werknemer antwoordt via Linkedin bevestigend en deelt mede dat hij de teamleider mag bellen voor informatie en het drinken van een kop koffie (vrijblijvend). Werknemer doet mee aan het selectiegesprek met de oud collega. Deze oud collega treedt vervolgens ook in dienst bij de nieuwe werkgever.

De oude werkgever stelt zich op het standpunt dat de werknemer als recruiter betrokken is geweest bij het binnenhalen van een oud collega bij de nieuwe werkgever en daarmee in strijd heeft gehandeld met het ronselbeding in de arbeidsovereenkomst. De oude werkgever vordert de naleving van de bepaling in de arbeidsovereenkomst en een boete van 25.000,– euro.

Kern van het geschil

De kern van het geschil bij de kantonrechter is of het ronselbeding nietig is op grond van artikel 7:653 BW. De werknemer vordert de nietigheid van het beding, omdat dit beding is opgenomen in een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd, zonder schriftelijke motivering van de noodzakelijkheid van het beding vanwege zwaarwegende bedrijfs- en dienstbelangen.

Het oordeel van de kantonrechter (ECLI:NL:RBZWB:2018:1947)

De kantonrechter Zeeland-West-Brabant oordeelt dat de vraag of het ronselbeding onder artikel 7:653 BW valt moet worden beantwoord aan de hand van de door het beding opgeworpen beperkingen. Indien deze beperkingen betrekking hebben op de bevoegdheid van de werknemer om na het einde van de arbeidsovereenkomst op zekere wijze werkzaam te zijn, dan valt het beding onder 7:653 BW.

De kantonrechter is van mening dat de werknemer door het niet mogen ‘wegtrekken’ van personeel of het bewegen van personeel in dienst te treden bij een andere werkgever, wordt beperkt in de werkzaamheden bij de volgende werkgever. De functie van werknemer was en is het werven van personeel en hiertoe wordt de werknemer beperkt. Het ronselbeding is opgenomen in een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd zonder een schriftelijke motivering waaruit blijkt dat het noodzakelijk is vanwege zwaarwegende bedrijfs- of dienstbelangen. Het ronselbeding is nietig.

Relatiebeding is ook nietig

Ook het relatiebeding is nietig. Nu de Hoge Raad bij arrest van 3 maart 2017 expliciet heeft overwogen dat een relatiebeding onder artikel 7:653 BW valt en er geen schriftelijke motivering is opgenomen in de arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd kan het beding geen stand houden.