Bedrog rechtvaardigt vernietiging arbeidsovereenkomst

Buitengerechtelijke vernietiging van een arbeidsovereenkomst vanwege bedrog, door onjuiste mededelingen op een curriculum vitae, is niet in strijd met het ontslagrecht. Ook niet als de arbeidsovereenkomst niet inhoudsloos is geworden. Zo oordeelde recent de Hoge Raad.Wat speelde er in deze zaak?

Een werknemer solliciteert in 2016 naar de functie van psychotherapeut. Hij vermeldt in zijn curriculum vitae van diverse specialistenverenigingen en afgeronde opleidingen. Op basis hiervan wordt de werknemer verzocht te solliciteren naar de functie van directeur en wordt hij als statutair directeur benoemd. Later  blijkt dat de werknemer gelogen heeft over een lidmaatschap en opleiding bij EMDR. Het benoemingsbesluit van de AVA en de arbeidsovereenkomst worden vernietigd vanwege bedrog. Nadien ontvangt de werkgever bericht van andere verenigingen dat werknemer nimmer lid is geweest of niet langer (BIG-) geregistreerd is. In 2018 legt de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd een beroepsverbod op. Werkgever verzoekt de werknemer tot terugbetaling van het loon.

In de procedures die volgen, oordelen de kantonrechter en het Gerechtshof dat buitengerechtelijk vernietigen enkel mogelijk is, als de arbeidsovereenkomst geheel inhoudsloos zou zijn geworden door het gepleegde bedrog.

Het oordeel van de Hoge Raad (ECLI:NL:HR:2020:213)

De Hoge Raad oordeelt op 7 februari 2020 anders.

De werkgever kan zich ondanks het gesloten ontslagstelsel beroepen op de (buitengerechtelijke) vernietiging indien er sprake is van bedrog. Het wettelijke stelsel van het ontslagrecht staat daaraan niet in de weg, omdat dit niet strekt tot de bescherming van een werknemer die bedrog pleegt bij het aangaan van de arbeidsovereenkomst. Ook is niet vereist dat de arbeidsovereenkomst volstrekt nutteloos is geworden. Dat volgt niet uit artikel 3:34 lid 3 BW.

Wel geeft de Hoge Raad dat de vernietiging geheel of voor een deel ongedaan kan worden gemaakt, indien de al ingetreden gevolgen van de arbeidsovereenkomst bezwaarlijk ongedaan kunnen worden gemaakt. Daarnaast is het mogelijk dat het beroep van de werkgever op vernietiging wegens bedrog naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar kan zijn. Indien de arbeidsovereenkomst de werkgever voordeel heeft opgeleverd, kan daarmee rekening worden gehouden, ook ten aanzien van de vordering omtrent de onverschuldigde betaling van het loon.